Woordvoerders aan het woord
Woordvoerderschap: het is een kunst. Het vraagt om een voortdurende balans tussen verschillende doelen, belangen en perspectieven. Geen makkelijke opdracht dus. Daarom legden we ons oor te luisteren bij 4 woordvoerders. Hoe pakken zij het aan? En wat zijn hun gouden tips? Laat je inspireren door hun inzichten.
De eerste vraag is cruciaal
Nele Wouters – Woordvoerder Agentschap Opgroeien
“Als je voor de camera vragen moet beantwoorden, kan het moeilijk zijn om je stress onder controle te houden. Daardoor kan je over je woorden beginnen struikelen of zelfs een black-out krijgen. Vraag daarom aan de journalist of je de eerste vraag al mag weten. Zo kan je goed starten met je interview, zonder een grote verrassing. Je voelt je comfortabeler, waardoor het interview vlotter kan verlopen. Want goed begonnen is half gewonnen.”
“Eerlijk zijn betekent niet dat je alles moet prijsgeven, wel dat wat je zegt waar is”
Inge Paemen
Eerlijk duurt het langst
Inge Paemen – Woordvoerder Brussel Mobiliteit
“Als woordvoerder moet je geloofwaardig zijn. Daarvoor is het essentieel om over alle nodige informatie te beschikken. Probeer nauw betrokken te zijn bij besluitvormingsprocessen, zodat je oorzaak en gevolg duidelijk kan vatten en lastige vragen kunt voorbereiden.”
“Overtuig het management ervan dat woordvoerders goed op de hoogte moeten zijn van wat er speelt om te kunnen inschatten wat wel en niet naar buiten mag. Dat is belangrijk om ook in moeilijke situaties eerlijk te blijven en onjuistheden en geruchten te voorkomen.”
“Eerlijk zijn betekent niet dat je alles moet prijsgeven, wel dat wat je zegt waar is. Laat dan ook eerlijk weten wat je wel of niet kan zeggen en leg eventueel uit waarom je bepaalde dingen niet kan zeggen. Niets zeggen is altijd beter dan de waarheid geweld aandoen, ook in moeilijke situaties. Eerlijkheid zorgt voor betrouwbare en authentieke communicatie en draagt zo bij tot het scheppen van een vertrouwensband tussen journalist en woordvoerder.”
“Hou kritisch afstand van de rust of het alarmisme dat binnen je organisatie over een onderwerp kan bestaan”
Joris Moonens
Bewaar de blik van een buitenstaander
Joris Moonens – Woordvoerder Departement Zorg
“Als woordvoerder leun je volledig op de kennis en expertise van je collega’s en vertrouw je daar ook op. Je kent (delen van) je organisatie na een tijdje ook van binnen en van buiten. Dat zijn je troeven, maar ze hebben ook een keerzijde. Het kan maken dat je te gemakkelijk meegaat in uitleg die je krijgt, blind bent voor blinde vlekken in die uitleg en risico’s niet goed inschat. Probeer je eigen organisatie en de informatie die je intern krijgt, te blijven bekijken met de blik van een buitenstaander: Hoe komt dit over bij iemand zonder voorkennis? Zijn de redenen waarom we doen wat we doen overtuigend?”
“De blik van de buitenstaander behoud je door je niet te laten meeslepen in de emoties of inschattingen van je collega’s. Doordat zij dicht op hun onderwerp zitten, overschatten zij soms de ernst van een situatie. Wat zij denken dat buiten de organisatie als een groot probleem of enorm interessant zal worden aanzien, blijkt buiten de organisatie soms veel minder te leven. Het omgekeerde kan ook. Hou kritisch afstand van de rust of het alarmisme dat binnen je organisatie over een onderwerp kan bestaan.”
“En wat ook nog helpt: Doe je dommer voor dan je bent. Je weet misschien al veel over een onderwerp. Je hebt zelf voorkennis. Laat die achterwege als je je collega’s over een onderwerp bevraagt. Krijg je info die je echt zelf niet begrijpt? Blijf je collega’s lastigvallen om uitleg tot je het voor jezelf helder hebt. In je interne briefings zijn containerbegrippen zoals coördineren en opvolgen rode vlaggen. Wat houdt dat in?”
“Sta ook open voor de kritiek van echte buitenstaanders. Ga er in de pers en online naar op zoek zonder die af te schuiven als onzin.”
Bereid niet alleen jezelf voor, maar ook de betrokkenen
Steve D’Hulster – Vlaamse Stichting Verkeerskunde
“Tijdens een persmoment zijn journalisten niet enkel geïnteresseerd in wat de woordvoerder te zeggen heeft. Als we als VSV bijvoorbeeld een persmoment organiseren in een school, bereiden we steeds onze lesgevers voor op het feit dat de pers ook hen een paar vragen zal stellen. We zorgen er ook voor dat ze hun VSV-outfit dragen."
"Naast onze eigen lesgevers, briefen we ook de school goed op voorhand van hoe een persmoment verloopt en wat van hen verwacht wordt. Zo vragen we hen goed op voorhand om ervoor te zorgen dat ze een zicht hebben op leerlingen die niet in beeld mogen komen en al enkele mondige leerlingen klaar te houden als een journalist hen wat vragen wil stellen.”
Wil je je kennis en vaardigheden voor een sterk mediabeleid versterken? Laat je inspireren in ons dossier Pers en media op Kortompedia.

